Platform Vlieghinder Kennemerland
 

VenW Onderzoekt Gevolgen Vijfde Baan Schiphol

 |
 Geplaatst door: sijmen 
 |
 Bekeken: 850 
|
 Ministerie VenW en Commentaar Platformoverleg - 
VenW Onderzoekt Gevolgen Vijfde Baan Schiphol

VenW ONDERZOEKT GEVOLGEN VIJFDE BAAN SCHIPHOL

Omwonenden van Schiphol ervaren meer geluidsoverlast sinds de in gebruik name van de Polderbaan, de vijfde baan van de luchthaven. Wel voelt ruim tachtig procent van de omwonenden zich veilig. Het vertrouwen in het ministerie als wetgever is gedaald evenals het vertrouwen in de Inspectie Verkeer en Waterstaat als handhaver en het vertrouwen dat Schiphol binnen de normen blijft.

Dit blijkt uit de conclusies van Onderzoeksbureau Intomart, dat in opdracht van het ministerie van Verkeer en Waterstaat in 2003 twee telefonische onderzoeken liet uitvoeren naar de beleving van het vliegverkeer rondom Schiphol. De toename van geluidsoverlast is het sterkst op de plaatsen waar volgens de berekeningen na ingebruikname van het vijfbanenstelsel ook meer geluidsbelasting zou komen. Op plaatsen waar volgens de berekeningen het vijfbanenstelsel juist een vermindering van de geluidsbelasting zou betekenen, neemt het opmerken van geluid en de ervaren last niet af.

De algemene houding ten aanzien van Schiphol blijft bij een zeer ruime meerderheid van omwonenden en overig Nederland positief. Ongeveer de helft van de omwonenden slechts staat positief tegenover verdere uitbreiding van de luchthaven. Er heerst echter scepsis ten aanzien van de haalbaarheid van de dubbeldoelstelling. Slechts rond een derde van de omwonenden gelooft dat Schiphol kan groeien binnen de gestelde milieugrenzen. Ook wordt getwijfeld of de bescherming van omwonenden tegen overlast wel voldoende prioriteit krijgt. Ongeveer de helft van de omwonenden geeft aan dat de overheid zich hiervoor onvoldoende inzet.

Doordat er voorafgaande aan de ingebruikname van de Polderbaan een nulmeting is gedaan en een vervolgmeting bij volledig gebruik van het vijfbanenstelsel, is het mogelijk om ontwikkelingen in de beleving in kaart te brengen. Ontwikkelingen in beeld worden in de toekomst verder gevolgd. De intentie is om dit jaarlijks te peilen en de resultaten ervan op via internet beschikbaar te stellen. De uitkomsten van het onderzoek worden verder gebruikt bij de evaluatie van de Schipholwet en bij de uitwerking van de informatievoorziening in de regio.

Lees voor meer informatie de management summary en het volledige rapport. Een kopie van het rapport vindt u hier.

COMMENTAAR van PLATFORM-OVERLEG

Dit is het soort metingen dat, met klachtenregistratie en geluidmeting, straks meegenomen zal kunnen worden in een te ontwikkelen, modern elektronisch Geografisch Informatie Systeem.
De bevindingen moeten dan uiteraard daarin in verband worden gebracht met alle mogelijke gegevens van de Luchtverkeersleiding over, de afwikkeling van het luchtverkeer en het berekenen van veroorzaakte geluidbelasting en van andere vormen van milieubelasting, binnen een geografisch raster dat het hele gebied van mogelijke mlieubelasting omvat.

Het is duidelijk dat op deze wijze een Instrument ontstaat waarbinnen aan de ene kant de input: berekende belasting en baangebruik, en aan de andere kant de output: klachten, onderzoeksgegevens en geluidmetingen, gezet kunnen worden en alle mogelijke verbanden tussen variaties in die twee, systematisch in kaart gebracht.
Dit onderzoek kan tevens sociografische zaken, noem bevolkingsdichtheid of vestigingsmogelijheid of bouwlocaties en dergelijken meenemen.

Het geheel moet leiden tot het ontwikkelen van een apparaat ten dienste van een door de overheid in te stellen begeleidingsinstituut, een sectoronafhankelijk luchtruimbeheerschap. Zo zal dit luchtruimbeheerschap op den duur in staat zijn steeds opnieuw op korte termijn de grenzen aan te geven waarbuiten Verkeersleiding en Schiphol zich niet kunnen bewegen. Dit is een veel dynamischer en aanpasbare vorm van handhaven dan nu het geval is. In plaats van een star stelsel ontstaat dan de feedback waar zo’n behoefte aan is. Op lange termijn zal het instituut tijdig de grenzen aan groei die er zeker zijn tijdig in beeld kunnen brengen en mee de weg wijzen naar en voor mogelijke oplossingen.
Zeker is ook dat opname van de bestaande activiteiten van CROS binnen een dergelijk luchtruimbeheerschap ook het vertrouwen van de bevolking in zinvolheid van de eigen bijdrag hierin aan het beleid zal bevorderen.

Zo’n Luchtruimbeheerschap zal tevens kunnen fungeren als maatgevend kennisinstituut op europees niveau.

Het is dit wat de Platforms van Omwonenden in verband met de stelselevaluatie aan VenW hebben voorgesteld in de Nota ‘Als een Goed Instrument’

Noot: De bijzondere plaats van Castricum in het tweede deel van het onderzoek hangt wel samen met de bijzondere plaats die Castricum heeft als voorkeursroute voor binnenkomend nachtelijk verkeer en meteen ook voorkeur voor laagbinnenkomend verkeer in de vroege ochtend, en een flinke portie met laagvliegend verkeer overdag. Dit overigens alleen wanneer de noordelijke banen preferente landingsbanen zijn. Deze gegevens bevestigen wat tegelijkertijd werd gevonden in een onafhankelijke tweede enquete, ingesteld door de gemeente zelf.


Reacties op dit bericht