Platform Vlieghinder Kennemerland
 

Prof. dr. Hugo Roos: Luchtvaart en de formatie van het nieuwe kabinet

 |
 Geplaatst door: webbeheer 
 |
 Bekeken: 717 
|
 Luchtvaart =nieuws= 
Prof. dr. Hugo Roos: Luchtvaart en de formatie van het nieuwe kabinet

21-01-2007

Als de tekenen ons niet bedriegen, dan is de coalitie van CDA PvdA en CU nog een kwestie van enkele weken. Sommige kranten spreken al van een kabinet dat haar wortels heeft in het gedachtegoed van de Vrije Universiteit, waar Abraham Kuyper eenn belangrijk aandeel in heeft gehad. Wat zou dat betekenen voor de sector luchtvaart in Nederland? Ik waag me nog maar niet aan al te veel speculaties maar het is wel verleidelijk om eens wat gedachten te veronderstellen.

Luchtvaart ligt niet goed in het gedachtegoed van de Vrije Universiteit. Ofschoon Pieter Bouw er is afgestudeerd, is er aanleiding om te mogen veronderstellen dat luchtvaart door de nieuwe coalitie wordt beschouwd als een noodzakelijk kwaad eerder dan een sector die, wanneer ondernomen door ondernemingen die zich vanuit Nederland zouden willen ontplooien, ‘tail’-wind mag verwachten. Dat baseer ik op de publicaties van vooraanstaande wetenschappers verbonden aan die universiteit. Het wordt beschouwd als een bedrijfstak die haar externe kosten niet toegerekend krijgt, om de een of andere reden vrijgesteld is van het betalen van brandstofaccijns en op langere termijn schade toebrengt aan het leefmilieu van vele vormen van leven. Ook leidende kringen binnen de PvdA ligt dit gedachtegoed na aan het hart.

Het CDA is wat dat betreft pragmatischer. Weliswaar erkent het CDA de problemen niet maar haar gedachten sluiten in beginsel meer aan bij diegenen die rekening willen houden met het praktisch haalbare. De maatschappelijke aandacht die de milieuproblematiek krijgt, heeft inmiddels trekken van een soort hype, waaraan de tot nu toe hoge winterse temperaturen mede debet zijn. Zelfs angst speelt op de achtergrond mee. Feiten en ficties, soms zelfs onvoldoende feitenkennis spelen in een hype gemakkelijk door elkaar.

Angst is een slechte raadgever, zo leert ons de geschiedenis. Beter is het om naar bevind van zaken te handelen met het oog op het voorkomen van toekomstige problemen. Zo is bijvoorbeeld het probleem van de brandstofaccijns een typisch Europees probleem, dat daar ook thuishoort. Het heeft weinig zin om dat eerst op Nederlands niveau op te lossen. Bovendien is de luchtvaartdienstenmarkt van zodanige aard, dat het gedrag van aanbieders er nauwelijks door zal worden beïnvloed. Als de accijns zal worden geheven dan zal die toch moeten worden gedragen door de luchtvaartmaatschappijen. Zou de nieuwe coalitie Nederland toch een voortrekkerspositie willen laten innemen? België doet dat immers ook met het invoeren van een vignet voor auto’s die het land doorkruisen?

Op wat lager niveau ben ik wel benieuwd wat het nieuwe kabinet zal denken van de privatisering van de Luchthaven Schiphol. Ik denk dat het nieuwe kabinet de privatisering in de ijskast zal zetten. Het heeft geen haast. Dat zou een wijze opstelling zijn. Al eerder heb ik betoogd dat de monopoliepositie van de Luchthaven jegens haar belangrijkste klanten (de Nederlandse luchtvaartmaatschappijen) een houding heeft aangenomen die niet past bij het dienen van een algemeen maatschappelijk en Nederlands belang. Monopoliemacht dient te worden beteugeld. De Nma is recentelijk hiervoor verantwoordelijk gesteld. Ik maak mij echter daaromtrent zorgen. De verschillende regelingen en besluiten die ik onder ogen heb gekregen geven mij de indruk dat de Nma niet anders kan doen dan het monopolie bevestigen. De luchtvaartwet (art. 8.25d lid 3) spreekt van: de tarieven zijn voor het geheel van de activiteiten kostengeoriënteerd. Dat wil zeggen, dat de luchthaven er in beginsel van kan uitgaan dat bijvoorbeeld een duurdere CAO voor haar personeel altijd kan worden terugverdiend uit de tarieven.

‘Doorwentelen’ noemen we dat met een aan het vakjargon ontleende term. Dat is natuurlijk in een markt voor volledig vrije concurrentie onmogelijk en dat dient toch een eerste richtsnoer te zijn de opstelling van de Nma: De markt bepaalt de speelruimte en kosten kunnen nooit een richtsnoer zijn voor de vaststelling van tarieven of prijzen. Het toezicht van de Nma is hiermee naar mijn mening sterk beknot. Weliswaar komen nog enkele opmerkingen voor over productiviteitswinsten, doch daarover hoeft men zich in de praktijk geen al te grote illusies te maken. Ze worden vermeld omdat ze gemakkelijk kunnen worden beloofd, doch als de marktdruk ontbreekt zullen die altijd bescheiden zijn. In het algemeen kan men zeggen dat een linksgeoriënteerd kabinet oog zal hebben voor het beteugelen van monopoliemacht.

Hebben we dan wat betreft de groeimogelijkheden van de luchtvaartactiviteiten te maken met minder perspectief, voor wat betreft de aanpak van de monopoliemacht heb ik meer hoop. Laat ons eendrachtig de pijlen daarop trachten te richten. Dan is de regeling van het capaciteitsvraagstuk voor een volgend kabinet weggelegd.

Prof. Dr. Hugo B. Roos (em.)


Reacties op dit bericht