Platform Vlieghinder Regio Castricum
 

Nieuwe voorzitter procescommissie voor evaluatie Schipholbeleid(PVRC: Is de nieuwe voorzitter

 |
 Geplaatst door: webbeheer 
 |
 Bekeken: 583 
|
 V&WPersberich 
Nieuwe voorzitter procescommissie voor evaluatie Schipholbeleid(PVRC: Is de nieuwe voorzitter

Staatssecretaris Melanie Schultz van Haegen van Verkeer en Waterstaat heeft prof. dr. Wim Derksen, directeur van het Ruimtelijk Planbureau, bereid gevonden het voorzitterschap van de procescommissie voor de evaluatie van het Schipholbeleid op zich te nemen.

Gisteren maakte de staatssecretaris Schultz bekend dat de heer Blankert had besloten zich terug te trekken nadat twijfel was ontstaan over zijn onafhankelijkheid op het Schipholdossier. Alhoewel die twijfel geenszins door staatssecretaris Schultz werd gedeeld en zij alle vertrouwen uitsprak in de capabiliteit van de heer Blankert, zag zij zich genoodzaakt zijn beslissing te respecteren.

Staatssecretaris Schultz is verheugd dat de heer Derksen bereid is de voorzittersrol te gaan vervullen.

De commissie bestaat verder uit de volgende leden:

§      drs. Hans Kamps (plv. kroonlid Sociaal-Economische Raad),

§      prof.dr. Mark van Twist (hoogleraar aan de Radboud Universiteit Nijmegen) en

§      dr. Ingomar Joerss, adviserend lid (luchtvaartdeskundige uit Duitsland).


De voorzitter kan desgewenst nog twee leden aan de commissie toevoegen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, afdeling persvoorlichting:

Hendrik Dek :  070 – 3517794 / 06 - 53379479
Jos Hermsen:    070 – 3511020 / 06 - 53820589


Is Wim Derksen onbevooroordeeld?

Onderstaand ziet u wat Wim Derksen in 2003 in het Financieele Dagblad schreef over de uitbreiding van Schiphol. Lees vooral de laatste twee alineas waarin Derksen onder meer schrijft: “Laten we dus snel democratisch besluiten dat de groei van Schiphol een nationale prioriteit is.”

Trek uw conclusie!
===========

Open discussie nodig over verdere groei Schiphol

Wim Derksen

Schiphol blijft groeien. En ook de klachten blijven toenemen. Het boeiende is dat dit proces niet te stuiten lijkt. Soms stelt de politiek grenzen. Maar zijn die grenzen eenmaal bereikt, dan blijken ze allang te zijn vergeten.

Op het eerste gezicht lijkt hier sprake van een patstelling, tussen het economisch belang van Schiphol voor heel Nederland en de kwaliteit van het leven in de regio. Bij nader inzien is er iets anders aan de hand: niemand heeft de macht om de groei van Schiphol te stoppen. Dat fenomeen komen we vaker tegen in de politiek: achter een schijnbare patstelling gaan grote machtsverschillen schuil. Toch heeft openlijke machtsuitoefening meer voordelen, ook voor degenen die aan het kortste eind trekken.

De patstelling rondom Schiphol is fraai verwoord in de Vijfde Nota over de Ruimtelijke Ordening, waarin we op pagina 277 kunnen lezen: ‘Het beleid ten aanzien van de luchthaven Schiphol is gericht op het accommoderen van duurzame groei met inachtneming van de grenzen die met het oog op de veiligheid en het milieu noodzakelijk zijn, teneinde een duurzame balans te bewaren tussen het gebruik van de luchthaven en de kwaliteit van het leefmilieu.’ Het beleid is dus gericht op een duurzame groei van Schiphol. Maar wat betekent dit?

Het woord ‘groei’ is helder: meer vliegtuigen en meer vliegbewegingen. Maar wat moeten we onder ‘duurzaam’ verstaan? Moeten we duurzaam hier lezen als ononderbroken, voor lange duur? Of moeten we denken aan groei die de milieukwaliteit niet schaadt? Waarom staat er dan tevens dat de grenzen van het milieu in acht worden genomen? Het zoeken naar een ‘duurzame balans’ tussen luchthaven en leefmilieu roept eenzelfde vraag op: wordt gedoeld op een langdurig evenwicht tussen economie en ecologie? Of wordt het woord duurzaam hier gebruikt als zoethouder voor de milieubeweging en bezweringsformule voor protesterende burgers?

Op de langere termijn blijkt dat niets de groei van Schiphol in de weg staat. De patstelling is dus schijn, en al die mooie woorden moeten slechts verbloemen dat de macht uiteindelijk bij Schiphol ligt. In de politicologie is dit een bekend fenomeen: ook als er geen beslissingen worden genomen, kan er sprake zijn van machtsuitoefening.

Om dit toe te lichten moeten we naar de basisvraag van de politicologie: wat is macht? Iemand heeft macht als hij in staat is zijn eigen doeleinden te bereiken, tegen de wil van anderen in. Iemand kan in een open politieke strijd, tegen de wil van andere mensen in, zijn zin krijgen. Maar vaak wordt macht subtieler uitgeoefend, bijvoorbeeld in de vorm van anticipatie: omdat je de strijd met de machthebber niet wilt aangaan, leg je je op voorhand al bij diens standpunt neer. Het gaat nog steeds ten koste van jezelf, maar het is minder zichtbaar en iemand die niet goed oplet, zou kunnen denken dat er van machtsuitoefening geen sprake is. Het komt vaak voor: op voorhand je verlies accepteren.

Bijna nog subtieler is machtsuitoefening in de vorm van ‘non-beslissingen’. Het lijkt alsof de strijd onbeslist is, omdat er geen beslissingen worden genomen, maar juist het feit dat er geen beslissingen vallen is in het voordeel van de echte machthebber. Anders gezegd: de werkelijke machthebber is in staat om te voorkomen dat voor hem onwelgevallige beslissingen worden genomen!

Bij Schiphol lijkt van dit laatste fenomeen al jaren sprake te zijn. Over Schiphol wordt veel gesproken, vooral in de media, maar er verandert in feite niets: Schiphol groeit gestaag door. Degenen die belang hebben bij de groei van de luchthaven, hebben dus blijkbaar de macht. Zij weten te verhinderen dat andere besluiten worden genomen.

Maar het is nog erger: het lijkt of de politiek helemaal niet meer over Schiphol discussieert. Zelfs de Vijfde Nota over de Ruimtelijke Ordening vormde geen aanleiding om Schiphol nog eens nadrukkelijk op de agenda te plaatsen. In de belangrijkste ruimtelijke nota van het laatste decennium is Schiphol dus geen onderwerp, terwijl een kind van de basisschool de luchthaven toch als ruimtelijk probleem kan typeren. Het beste bewijs voor een non-decisie: de werkelijke machthebbers hadden geen belang bij een discussie, laat staan dat er (onwelgevallige!) politieke beslissingen over Schiphol zouden worden genomen.

Betekent het voorgaande dat ik de milieubeweging in bescherming wil nemen en de verdere groei van Schiphol ter discussie stel? Het tegendeel is het geval. Schiphol is van eminent belang voor de Nederlandse economie, die het vanouds erg moet hebben van transport en handel. Zou Schiphol slechts de nationale betekenis hebben die geldt voor veel luchthavens van vergelijkbare steden, dan was het met de Nederlandse economie een stuk minder gesteld.

Maar daarom is het nog niet goed dat de casus Schiphol wemelt van de non-decisies! Niet alleen is het een goed democratisch recht dat de discussie over Schiphol openlijk wordt gevoerd en dat langs democratische weg heldere beslissingen worden genomen. Het is zelfs zo dat zowel de luchthaven als de omwonenden juist baat hebben bij fatsoenlijke beslissingen. De omwonenden zouden weten waaraan ze toe zijn en op een fatsoenlijke wijze voor de overlast kunnen worden gecompenseerd. Schiphol zou in alle openheid aan zijn verdere groei kunnen werken. En de overheid zou voortaan geen woningbouw meer plannen in de aanvoerroute van een eventuele zesde en zevende baan. Het laatste is momenteel helaas het geval. Laten we dus snel democratisch besluiten dat de groei van Schiphol een nationale prioriteit is. De kop zit al lang genoeg in het zand!

Wim Derksen is directeur Ruimtelijk Planbureau en hoogleraar bestuurskunde Erasmus Universiteit Rotterdam.

=======
De link naar het oorspronkelijke artikel in het Financieele Dagblad vindt u hier


Reacties op dit bericht

Geplaatst door Rob E

Altijd handig te weten waar iemand staat..
op de loonlijst van de sector in dit geval