Platform Vlieghinder Kennemerland
 

Luchteigenaar ?

 |
 Geplaatst door: Ad 
 |
 Bekeken: 5275 
|
 Telegraaf 
Luchteigenaar ?

Rubriek: Wat wilt u weten ?

Is er in de wet ergens aangegeven tot welke hoogte de eigenaar van de grond ook eigenaar is van de lucht boven zijn grond? Het lijkt erop dat er iets is vastgelegd, want de gemeente geeft aan dat de eigenaar van de grond verantwoordelijk is voor de afvoer van het hemelwater. Met andere woorden, de gemeente is kennelijk geen eigenaar van de lucht, de grondeigenaar wel.
   
H. Visscher, Hoofddorp

Naar Nederlands recht is de eigenaar van een stuk grond géén eigenaar van de luchtkolom die verticaal boven zijn perceel ’hangt’. In artikel 5:20 BW wordt aangegeven wat behoort tot de onroerende zaak waarvan men eigenaar is. Daartoe behoort niet de luchtruimte boven de grond. Wel bepaalt artikel 5:21 BW dat de bevoegdheid van de eigenaar van de grond om deze te gebruiken, tevens de bevoegdheid omvat tot het gebruik van de ruimte boven (en onder) het oppervlak. Het gebruik van de ruimte boven het oppervlak is echter aan anderen toegestaan, indien dit zo hoog boven het oppervlak plaatsvindt dat de eigenaar er geen belang bij heeft zich daartegen te verzetten.

    Het belang van de eigenaar behoeft geen redelijk belang te zijn en behoeft evenmin van vermogensrechtelijke aard te zijn. Het gebruik van de ruimte boven de grond komt in beginsel immers exclusief aan de eigenaar toe. Wel zal de eigenaar ten minste enig belang moeten hebben om een ander het gebruik van zijn luchtruim te mogen verbieden. Hoe ’hoog’ het gebruik door de ander zich in het luchtruim moet afspelen om niet met het belang van de eigenaar in strijd te kunnen komen, hangt af van het gebruik van de ondergrond (bijvoorbeeld agrarische grond, fabrieksterrein, woning met tuin) en van het gebruik dat de derde van de ruimte wil maken. In lid 3 van artikel 5:21 BW is uitdrukkelijk geregeld dat het voorgaande geen betrekking heeft op de bevoegdheid tot vliegen. Of het is toegestaan om in het luchtruim van de eigenaar van een perceel grond te vliegen, wordt uitsluitend bepaald door de publiekrechtelijke wetgeving op het gebied van het luchtrecht en, voor zover de eigenaar toch hinder ondervindt van vliegbewegingen die volgens dit luchtrecht zijn toegestaan, aan de hand van de regels inzake een onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW).

De eigenaar van een erf is zelf verantwoordelijk voor zijn waterafvoer. Hij is verplicht de afdekking van zijn gebouwen en werken zodanig in te richten, dat daarvan het water niet op een ander erf afloopt (artikel 5:52 lid 1 BW). Afwatering op de openbare weg is geoorloofd indien zij niet bij wet of gemeentelijke verordening is verboden (artikel 6:52 lid 2 BW).
   
H. Goossens, advocaat


Reacties op dit bericht