Platform Vlieghinder Regio Castricum
 

Discussies in 2002

 |
 Geplaatst door: redactie 
 |
 Bekeken: 667 
|
 Redactie 
Discussies in 2002

Citaat (1):
Van wat wij nu hadden kon niemand iets bakken. Als wij zouden kunnen
meten is de volgende vraag die van de milieubeweging. Wat doen wij dan
in de buitengebieden? Wij hebben al gezegd dat in die buitengebieden
ook niet gehandhaafd moet worden. Men mag monitoren. Men mag het in
kaart brengen volgens de Europese richtlijn, die volgens mij trouwens nog
in algemene milieuwetgeving moet worden verwerkt. Men mag echter
niet twee ringen om ons heen leggen, want dan kunnen wij er niet meer
komen. De standaardvertrekroutes liggen vast, maar men moet wel naar
de baan toe kunnen komen. Er komt verkeer van links en van rechts, dat
wij moeten kunnen ritsen. Er zijn daarom horizontale en verticale
wachtgebieden. Die bepalen de vlieghoogte. Je kunt daar ook een
handhavingspunt aanleggen, maar dan kom je nooit meer bij de luchthaven.
Dat is de flexibiliteit die nodig is.

Uitleg:
Niet handhaven in Buitengebieden = daar doen wat je wilt
Men mag wel monitoren (U weet wel: meten, niet zo precies, voor de ‘‘voorlichting’)
Niet twee ringen (dat zijn grenzen aan geluidbelasting)
Verkeer van links en rechts en ritsen (Kennemerland en Polderbaan)
Horizontale en verticale wachtgebieden die de vlieghoogte bepalen
(600 m boven Kennemerland voor de Polderbaan en 900 m voor de Zwanenburgerbaan)

Citaat (2):
...Er kan worden gekozen uit verschillende rapporten over
geluid en veiligheid. De heer Cerfontaine heeft eens gezegd, dat er nog
maar zeven mensen in Nederland zijn die het begrijpen. Welnu, ik hoor
niet bij dat groepje van zeven.

Beide citaten afkomstig uit:
Eerste Kamer, Vergaderjaar 2001–2002 Nr. 88j
27 603 gesprekken met deskundigen
Vastgesteld 7 juni 2002


Reacties op dit bericht

Geplaatst door Nico uit De Haag

Het is niet zo moeilijk om het een en het ander te begrijpen over vliegtuiggeluid. Het probleem is dat men allerlei rapporten produceert met nog al verwarrende informatie. Ik geef u het volgende verhaal als anekdote.
Een gepromoveerde elektronicus met gymnasium als VWO bij een groot defensiebedrijf, waar ik ook werkzaam was, kwam naar mij toe en kon een rapport van een werktuigbouwkundig ingenieur niet lezen en vroeg aan mij wat er stond. Het was gewoon een wollig verhaal met geen enkele inhoud.
Hetzelfde is ook gaande t.a.v. het vliegtuiggeluid en de overlast. Cerfontaine is blijkbaar ook niet in staat de zin van de onzin te scheiden.
Een mooi voorbeeld daarvan is dat hij zelf aan de vaste Eerste-Kamer commissie voor Verkeer en Waterstaat vertelde dat met NOMOS in het buitengebied niet te meten valt. Echter hij laat wel zo'n NOMOS-paal op het gemeentehuis van Castricum plaatsen.
De quizvraag is: heeft hij zijn geloofwaardigheid verlaagd of verhoogd? De lezer mag kiezen.