Platform Vlieghinder Regio Castricum
 

Diederik Samsom: Meppen met rapporten

 |
 Geplaatst door: webbeheer 
 |
 Bekeken: 788 
|
 Luchtvaart =nieuws= 
 Diederik Samsom: Meppen met rapporten

En opeens staat de vraag: ‘hoe belangrijk is de groei van Schiphol eigenlijk voor de economie’ weer volop in de belangstelling. Opmerkelijk, want het leek of deze kwestie voorgoed was beslist. De afgelopen jaren groeide een bijna griezelige consensus rond de opvatting dat een snelle groei van Schiphol zo niet onvermijdelijk dan toch in ieder geval van ‘vitaal’ belang was. Afgezien van een handje milieufanaten en een schaarse politieke partij of politicus durfde bijna niemand meer het tegendeel te beweren. Maar met het verschijnen van het Rapport ‘Vluchten kan niet meer’ van de Raad voor Verkeer en Waterstaat, lijkt het tij zowaar te keren.

En dat is opvallend, want dit rapport stelt op geen enkele manier het belang van Schiphol ter discussie. Integendeel. Zonder omhaal worden grote werkgelegenheidscijfers op en rond Schiphol opgevoerd om daarmee het scenario van ‘beperkte groei’ (groei binnen de huidige milieugrenzen; nota bene: géén krimp of stilstand) als doemscenario af te wijzen: “aantasting van het netwerk, verminderde aantrekkelijkheid als vestigingsplaats, afname van de werkgelegenheid, enz. Dit risico voor de economische ontwikkeling van Nederland is in de ogen van de raad te groot”. Toe maar. In één machtige synthese is een beperkte groei van Schiphol gekoppeld aan een onaanvaardbaar groot risico voor de gehele Nederlandse economie. Zo bont maakten weinigen het tot nu toe.

Juist door dit soort boude uitspraken lijkt het rapport nu een averechts effect te krijgen. Milieudefensie rook haar kans en gaf het CE in Delft opdracht om het gewraakte apport eens grondig te analyseren. En de conclusies van het CE liegen er niet om: een selectief samengestelde commissie, niet onderbouwde uitgangspunten, misbruik van werkgelegenheidseffecten, selectief en onjuist gebruik van referenties en negeren van alternatieven. Milieudefensie gaf uiteraard een jubelend persbericht uit waarin wordt gesteld dat het rapport maar weer eens bewijst, dat er in de kwestie Schiphol gesjoemeld wordt met cijfers. Men zal zich bij Schiphol en met Ministerie van V en W wel even achter de oren hebben gekrabd. Net nu alle complottheorieën over de vijfde baan, de rekenfout, de naar elkaar toewaaiende vliegtuigen en de uitvliegroute over Spaarndam zorgvuldig leken te zijn toegedekt, schiet de luchtvaartsector zich zorgvuldig in eigen voet met een rapport dat juist de discussie over het openbreken van de grenzen van Schiphol moest inleiden.

Hebben Milieudefensie en het CE nu gelijk? Nee en ja. De kritiek op de samenstelling van de onderzoekscommissie en het selectief gebruik van bronnen is te makkelijk. Klein gedoe. Op elke commissie is wel iets aan te merken en het gebruik van bronnen is in een rapport per definitie selectief. Maar het CE deelt wel een gevoelige klap uit met een aantal andere kritiekpunten. Zo wijst het CE er terecht op dat de conclusie van de Raad dat de groei van Schiphol nodig is, volledig onderuit gehaald wordt, doordat een kosten-baten-analyse ontbreekt. Voorzitter van de Raad, de Zeeuw, pareert deze kritiek door op te merken dat het rapport helemaal niet pleit voor uitbreiding van Schiphol (NRC: 21 november 2005). Dat is een merkwaardige uitvlucht. Het rapport waarschuwt voor te weinig groei en beveelt aan om het huidige normenstelsel herzien om snelle groei te faciliteren. Misschien bedoelde de Zeeuw dat er niet wordt gepleit voor meer landingsbanen, maar dat is een schijnbeweging. Het is niet de uitbreiding van landingsbanen maar van het aantal vliegtuigen die de grootste hinder en vervuiling veroorzaken. En over dat laatste is de Raad eenduidig: maak die uitbreiding mogelijk.

Belangrijker nog is de kritiek die het CE uitoefent op het lukraak gebruik van op het oog indrukwekkende werkgelegenheidscijfers. Volgens het CE is dat niet conform de regels voor dergelijk onderzoek. Volgens de Zeeuw worden deze cijfers ‘slechts ter illustratie’ gebruikt van de kern van de zaak: “dat er [door Schiphol] een oververtegenwoordiging van internationale hoofdkantoren rond Amsterdam is”. Dat lijkt mij nu juist níet de kern, maar een illustratie van de extra werkgelegenheid die door Schiphol wordt gegenereerd. Bovendien speelt bij de afwijzing door de Raad van het beperkte groeiscenario de afname van werkgelegenheid wel degelijk een centrale rol. Wat zeggen de regels over dit soort rapporten over het gebruik van werkgelegenheidscijfers eigenlijk? Het CPB hierover: “Het netto effect van infrastructuur op werkgelegenheid is niet vanzelfsprekend. Het kan in elk geval niet beargumenteerd worden door te wijzen op de werkgelegenheidscreatie rond het project zonder te spreken over de werking van de arbeidsmarkt in het algemeen en de loonvorming in het bijzonder.” En gaat het rapport van de Raad in op de werking over arbeidsmarkt en loonvorming? U raadt het al.
Onbedoeld heeft de Raad ons met haar rapport gewezen op de noodzaak om de vooronderstellingen rond de groei van Schiphol nog eens goed onder de loep te nemen alvorens forse groei verder te faciliteren. De raad zal het niet zo bedoeld hebben, maar het is wel een uitstekend advies.


Reacties op dit bericht